‘Made in China’ achterhaald?

Scriptie
I made your clothes.
'I made your clothes', een actie van de organisatie achter 'The Fashion Revolution Week'. ©rr

De Fashion Revolution Week wil de gebeurtenis in een kledingfabriek in Bangladesh, waarbij honderden jonge vrouwen het leven lieten, herdenken. De werkomstandigheden in lageloonlanden zijn vaak schrijnend, maar steeds meer merken brengen hun kledingproductie dichter bij huis. Economist Lies Vissers (KULeuven) onderzocht in haar thesis waarom.  

Made in China, India, Bangladesh,… . Weet jij waar je kleding geproduceerd wordt? We zijn het zo gewend dat we er niet meer van opkijken. De 'trend' om ver weg van huis te produceren ontstond namelijk al in de jaren tachtig. Massaal veel kledingbedrijven begonnen toen hun productie naar lageloonlanden te verhuizen. Op deze manier konden ze kosten besparen en telkens opnieuw goedkope, trendy kleding op de markt brengen. De laatste tijd komt hier echter verandering in. De consument wordt onder andere kieskeuriger waardoor steeds meer kledingbedrijven hun productie dichter bij huis brengen. Lies Vissers onderzocht in haar masterproef de redenen: “De mensen zijn vandaag beter geïnformeerd waardoor ze veeleisender worden. Bovendien willen ze steeds geprikkeld worden met nieuwe collecties.”

Slow fashion
Er waren de laatste jaren zo veel schandalen over de kledingindustrie in de media dat mensen meer begonnen na te denken over hun consumptiegedrag. Zo had je bijvoorbeeld het angoraschandaal dat dierenrechtenorganisatie PETA blootlegde. In een reportage lieten zij schokkende beelden zien over het onverdoofd plukken van de konijnen. Daarnaast ontdekte men ook dat er kinderen bij de productie van kleding ingezet werden. “Als reactie op de hedendaagse massaproductie wordt er bewust gekozen om trager te produceren en te consumeren. Zowel het milieu als de werknemers dienen daarbij op een respectvolle manier behandeld te worden. Vooral grote ketens werden hierbij onder vuur genomen. ‘Sustainability' is geen ongekend woord meer binnen multinationals en consumenten eisen dit meer en meer”, aldus Lies Vissers.

Sustainability is geen ongekend woord meer binnen multinationals. Het wordt meer en meer geëist door consumenten. 

Toch heb je nog altijd consumenten die hun kleding zo snel mogelijk in huis willen. Verschillende bedrijven hanteren hiervoor de ‘fastfashion-strategie’ door hun productie en levering te versnellen. "Merken zoals Zara worden hierdoor een concurrent voor zowel high-fashionmodehuizen als andere ketens. Zij volgen de trends immer snel op en bieden de kleding voor een betaalbare prijs op de markt aan. Hierdoor bereiken ze een enorm publiek. Om deze strategie te kunnen hanteren maakten ze de keuze om de productie dichter bij de markt te brengen. Volgens hun visie wegen de lage loonkosten in lageloonlanden niet op tegen de verloren omzet door langere leveringstermijnen", vertelt Lies Vissers.

Loonkosten
Een laatste motivatie voor producenten om hun productie terug richting eigen land te sturen is de veranderende Aziatische markt waar op dit moment veel kleding wordt geproduceerd. Lies Vissers:“De loonkosten stijgen, daarom verplaatst de producent de productie dichter bij huis, zoals naar Roemenië, waar de loonkost lager ligt dan het gemiddelde loon in China. Daarnaast is de Aziatische markt zelf ook een grotere afzetmarkt geworden op hun eigen continent door de stijgende koopkracht. Hierdoor krijgen bestellingen van Europese opdrachtgevers minder prioriteit.”  

Toch zullen volgens Lies Vissers niet alle Europese kledingbedrijven hun productie terug naar Europa halen. “In Azië hebben bedrijven veel meer ervaring op gebied van productie en technieken waardoor er producten er het efficiëntste geproduceerd wordt.” Het zal dus nog even wachten zijn tot Europa dé expert wordt op het gebied van modeproductie.

De integrale thesis van Lies Vissers, onder begeleiding van Dr. Ysabel Nauwelaerts kan je lezen in de scriptiebank.

Lees de scriptie hier