Een stad in balans.

Marijke
Deroover

Moet Antwerpen in balans worden gebracht?

Marijke Deroover

 

Rotterdam en Antwerpen kampen beide met problemen van concentraties, overlast, criminaliteit en onveiligheidsgevoelens.  Rotterdam heeft gekozen voor een ambitieus en veelbesproken direct spreidingsbeleid met het actieplan “Rotterdam zet door… op weg naar een stad in balans”.  Er gaan een aantal stemmen op om dit plan te gebruiken als inspiratiebron om een antwoord te bieden op de Antwerpse stedelijke problematiek.  Antwerpse CD&V-schepen Marc Van Peel wil dit op de agenda van de Vlaamse en federale overheid zetten.  Is dit de weg die Antwerpen wil inslaan?

 

 “’t Stad is van iedereen” en “Op weg naar een stad in balans” lijken slogans van twee totaal verschillende steden.  Toch zijn respectievelijk Antwerpen en Rotterdam niet zo verschillend van elkaar.  Beide steden kampen met problemen van overlast, criminaliteit en met concentraties van kansarmen en allochtonen.  In het beleid van beide steden staat het verhogen van de leefbaarheid en de strijd tegen de tweedeling in de stad dan ook centraal.  Zowel Rotterdam, als Antwerpen geloven in sociaal gemengde buurten als een deel van de oplossing voor de grootstedelijke problematiek.  Beide steden willen sociaal-economisch sterke groepen aantrekken en vasthouden.  Al gaat Rotterdam net een stap verder.  Rotterdam heeft met het actieplan “Rotterdam zet door…op weg naar een stad in balans” gekozen voor een ambitieus en veel besproken direct spreidingsbeleid, waarbij kansarme groepen geweerd worden uit de probleembuurten.  Een aantal Antwerpse politici hebben zich luidop afgevraagd of Antwerpen ook een stap verder moet gaan.  Met de scriptie “Een stad in balans” wilden we deze discussie wetenschappelijk voeden en de mogelijkheden voor Antwerpen van een Rotterdamse aanpak nagaan.

 

Een direct spreidingsbeleid waarbij men tijdelijk kansarme bewoners weert uit bepaalde buurten wordt vaak gemotiveerd vanuit de veronderstelling dat de segregatie van kansarmen hun sociale mobiliteit beperkt en leidt tot criminaliteit en overlast.  Deze veronderstelling is diep ingeworteld, ook bij politici, ondanks dat dit nog onvoldoende empirisch bewezen is.  Wetenschappers, zoals Duyvendak en Uitermark, benadrukken dan ook dat er meer onderzoek moet gebeuren alvorens een dergelijke ingrijpende maatregel door te voeren.  Menging kan anderzijds wel de “druk van de ketel halen”.  Het kan namelijk een manier zijn om de leefbaarheid in een buurt te vergroten.  De stad kan zo ademruimte krijgen om in deze probleembuurten te investeren in onderwijs, inburgering, integratie, zorg, begeleiding, werk en economie.  Op deze manier kan een spreidingsbeleid niet rechtstreeks, maar wel onrechtstreeks een oplossing zijn voor grootstedelijke problemen.  Maar moet in Antwerpen, zoals in Rotterdam, de druk van de ketel worden gehaald? 

 

Na een vergelijkende analyse blijkt dat, vooral wat betreft de concentratie van kansarmen en etnische minderheden, de problemen in Rotterdam toch nog een maat groter zijn dan in Antwerpen.  De Antwerpenaar ervaart echter sociale overlast meer als een buurtprobleem dan de Rotterdammers.  Het gaat dan wel om een subjectief gevoel, toch heeft dit belangrijke gevolgen voor de leefbaarheid van de stad.  Deze beleving kan het draagvlak voor een direct spreidingsbeleid vergroten.  Desondanks geloven we niet dat de problemen van de stad Antwerpen roepen om dergelijke ingrijpende maatregelen zoals in het Rotterdamse actieplan geformuleerd staan. 

 

Daarnaast zijn er nog twee belangrijke verschillen tussen de beide havensteden.  Ten eerste bestaat er een groot structureel verschil waardoor het actieplan van Rotterdam niet zomaar transponeerbaar is naar de stad Antwerpen.  Het sociaal woonbeleid is in Vlaanderen niet alleen veel minder uitgebouwd en daardoor ontoereikend om een spreidingsbeleid te dragen.  De greep van de overheid is in Antwerpen door het proces van federalisering en decentralisatie bovendien te klein om een toewijzingsbeleid te voeren.  Ten tweede is het politieke draagvlak in Antwerpen veel minder groot dan bij onze noorderburen.  Het voorstel om het actieplan toe te passen in Antwerpen krijgt geen steun van het Antwerpse schepencollege.  Daarenboven lijkt het ons weinig realistisch dat de stad Antwerpen de steun zal krijgen van de federale overheid, zoals Rotterdam.  Het actieplan in Rotterdam is dan ook ontstaan in een andere politieke context dan in Vlaanderen.  Vooral de verkiezing van 2002 waarbij Pim Fortuyn een belangrijke rol heeft gespeeld, heeft die context mee gekleurd.  Het is volgens ons dan ook vooral de Rotterdamse politieke en maatschappelijke context geweest die om een direct spreidingsbeleid vroegen en niet de grootstedelijke problemen.  Bovendien blijkt uit de interviews die we hebben afgenomen en uit de berichtgevingen in de media dat het debat over een spreidingsbeleid veel gevoeliger ligt in Antwerpen, dan in Rotterdam.  Het wetsvoorstel voor een effectieve spreiding van asielzoekers kan daarentegen wel op steun van het Antwerpse schepencollege en veel politici rekenen.  Wanneer dit in de praktijk wordt omgezet, kan dit al voor een grote ontlasting zorgen in bijvoorbeeld Antwerpen-Noord. 

 

Het huidige Antwerpse woonbeleid kiest voor diversiteit, maar ook voor een kwalitatieve en betaalbare huisvesting voor “iedereen”.  Antwerpen heeft bovendien in 2004 met zijn “Stadsplan Veilig” ervoor gekozen om een duidelijk veiligheidsbeleid te voeren en de overlast en de onveiligheidsgevoelens aan te pakken.  We zijn van mening dat de stad deze weg verder moet volgen.  Indien de problemen in Antwerpen toenemen en de stad er in de toekomst toch zal voor kiezen om een direct spreidingsbeleid te voeren, is het belangrijk dat dit beleid deel uitmaakt van een meer omvattend sociaal, economisch, integratie- en veiligheidsbeleid en dat dit gebeurt onder duidelijke voorwaarden. 

 

Met deze scriptie hebben we getracht argumenten aan te reiken om een constructief debat te voeren over een spreidingsbeleid.  In de toekomst zal het belangrijk zijn om niet te vervallen in een zwart-wit discussie en zullen beleidsmakers erover moeten waken geen populistische maatregelen te nemen, zeker in het licht van de verkiezingen van 2006.

Bibliografie

Bibliografie

 

Beleidsdocumenten

 

Art. 5 Internationaal Verdrag 7 maart 1966 inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie, gevonden te www.runic-europe.org, op 2 juli 2005.

 

Art. 12 Internationaal Verdrag 19 december 1966 inzake burgerrechten en politieke rechten, gevonden te www.runic-europe.org, op 2 juli 2005.

Art. 26 Internationaal Verdrag 19 december 1966 inzake burgerrechten en politieke rechten, gevonden te www.runic-europe.org, op 2 juli 2005.

 

Art. 14 E.V.R.M.

Art. 2 vierde protocol E.V.R.M. 16 september 1963, gevonden te www.grondweteuropa.nl, op 2 juli 2005.

 

Art. 18 van het Verdrag 25 maart 1957 tot oprichting van de Europese gemeenschap, gevonden te europe.eu.int, op 2 juli 2005.

Art. 43 van het Verdrag 25 maart 1957 tot oprichting van de Europese gemeenschap, gevonden te europe.eu.int, op 2 juli 2005.

 

Art. 7 Richtlijn 2003/9/EG, 27 januari 2003 tot vaststelling van minimumnormen voor de opvang van asielzoekers in de lidstaten, gevonden te www.fedasil.be, op 2 juli 2005.

 

Art. 1 G.W.

 

MINISTERIE VAN VROM, Nota Stedelijke Vernieuwing, Den Haag, Ministerie van VROM, 1997, 97p.

MINISTERIE VAN VROM, Nota Mensen, Wensen, Wonen, Den Haag, Ministerie van VROM, 2000, 332p.

 

Bruggen bouwen.  Eindrapport van de Tijdelijke Commissie Onderzoek Integratiebeleid, Parl. St. Tweede Kamer 2003-2004, 28 689 nr. 8-9, 660p.

 

Rapportage Integratiebeleid Etnische minderheden 2003, Parl. St. Tweede Kamer 2003-2004, 29203, nr.2, 136p.

 

Brief aan het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Rotterdam over de reactie van het Kabinet op het Actieprogramma “Rotterdam zet door, op weg naar een stad in balans”, Parl. St. Tweede Kamer, 2003-2004, 21 062, nr. 117, 18p.   

 

Voorstel van Wet Bijzondere Maatregelen Grootstedelijke Problematiek, Parl. St. Tweede Kamer, 2004-2005, gevonden te www.bzk.nl., op 1 mei 2005.

 

Memorie van Toelichting bij het Voorstel van Wet Bijzondere Maatregelen Grootstedelijke Problematiek, Parl. St. Tweede Kamer, 2004-2005, gevonden te www.bzk.nl, 30, op 1 mei 2005.

 

GEMEENTE ROTTERDAM, Leegloop en Toeloop.  Nota over de bevolkingsbewegingen in Rotterdam, Rotterdam, Gemeente Rotterdam, 1979, 61p.

 

GEMEENTE ROTTERDAM, Rotterdam zet door… op weg naar een stad in balans, Rotterdam, Gemeente Rotterdam, 2003, 100p.

 

PEETERS, L., Voor steden en mensen.  Beleidsbrief 1995, Brussel, Vlaams Minister van Binnenlandse Aangelegenheden, Stedelijk Beleid en Huisvesting, 1995.

 

STAD ANTWERPEN, “Bestuursakkoord 2001-2006.  Politiek akkoord van 20 december 2000.  Bevolking: Betere dienstverlening”, gevonden te www.stadsbestuur.antwerpen.be, op 10 juli 2005.

 

STAD ANTWERPEN, Nota Kracht van de stad. Stadsprogramma 2003-2007, Antwerpen, Stad Antwerpen, 2003, 148p.

 

PROJECTEENHEID, Stadsplan Veilig, Antwerpen, Stad Antwerpen, 2004, 46p.

 

STAD ANTWERPEN, “Gemeentelijk ruimtelijk structuurplan Antwerpen 2010.  Intentienota”, gevonden te www.ruimtelijkstructuurplanantwerpen.be, op 10 juli 2005.

 

Onderzoeken

 

BOLT, G. en VAN KEMPEN, R., Wonen in multiculturele steden, Den Haag, VROM, 2002, 77p.

 

CENTRAAL BUREAU VOOR STATISTIEK, “Gemeenten op maat 2002, Amsterdam”, gevonden te www.cbs.nl, 28, op 7 april 2005.  

 

CENTRAAL BUREAU VOOR STATISTIEK, “Gemeenten op maat 2002, Rotterdam”, gevonden te www.cbs.nl, 28, op 7 april 2005.

 

CENTRAAL BUREAU VOOR STATISTIEK, “Gemeenten op maat 2002, Utrecht”, gevonden te www.cbs.nl, 28, op 7 april 2005.

 

CENTRUM VOOR ONDERZOEK EN STATISTIEK, Kerncijfers Rotterdam 2005, Rotterdam, COS, 2005, 72p.

 

DATABANK SOCIALE PLANNING, “Demografie 2005”, gevonden te www.dspa.be, op 4 juli 2005.

 

DATABANK SOCIALE PLANNING, “OCMW financiële steun 2002”, gevonden te www.dspa.be, op 4 juli 2005.

 

DATABANK SOCIALE PLANNING, “Omgevingsanalyse tbv het Federaal Grootstedenbeleid”, gevonden te www.dspa.be, 90, op 4 juli 2005.

 

DATABANK SOCIALE PLANNING, “Verhuisbewegingen in 2003”, gevonden te www.dspa.be, 72, op 5 juli 2005.

 

DE HART, J., DE KNOL, F. en ROES, T., Zekere banden.  Sociale cohesie, leefbaarheid en veiligheid, Den Haag, Sociaal en Cultureel Planbureau, 2002, 365p.

 

ENGBERSEN, G., SNEL, E. en WELTEVREDE, A., Sociale herovering in Amsterdam en Rotterdam: één verhaal over twee wijken, Den Haag/Amsterdam, Amsterdam University Press, 2005, 140p.

 

ERGUN, C. en BIK, M., Prognose bevolkingsgroepen Rotterdam 2017, Rotterdam, Centrum voor Onderzoek en Statistiek, 2003, 145p.

 

GEMEENTE ROTTERDAM, “Buurtinformatie Rotterdam Digitaal”, gevonden te www.cos.rotterdam.nl, op 21 maart 2005 en 4 juli 2005.

 

KORTHALS ALTES, H.J., Hart voor de Wijk, zorg voor de straat, Den Haag, VROM, 2002, 27p.

 

MINISTERIE BINNENLANDSE ZAKEN EN JUSTITIE, Politiemonitor 1997, Den Haag, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Justitie, 1997, 135p. 

 

MINISTERIE BINNENLANDSE ZAKEN EN JUSTITIE, Politiemonitor 2003Tabellenrapport, Den Haag, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Justitie, 2003, 133p.

 

MINISTERIE VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN JUSTITIE, Politiemonitor Bevolking 2004, Den Haag, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Justitie, 2004, 136p.    

MINISTERIE VAN BINNENLANDSE ZAKEN, “Veiligheidsmonitor 2002.  Vergelijkend rapport”, gevonden te www.poldoc.be, op 25 maart 2005.

 

PROGRAMMABUREAU VEILIG, Veiligheidsindex 2004. Meting van de veiligheid in Rotterdam, Rotterdam, Gemeente Rotterdam, 2004, 201p.

 

PROGRAMMABUREAU VEILIG, Veiligheidsindex Rotterdam Voorjaar 2003, Rotterdam, Gemeente Rotterdam, 2003, 125p.

 

RAAD VOOR MAATSCHAPPELIJKE ONTWIKKELING (ed.), Eenheid, verscheidenheid en binding, Den Haag, Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling, 2005, 214p.

 

ROODE, A.L. en VAN RHEE, M., Staat van Rotterdam 2004, Rotterdam, Centrum voor Onderzoek en Statistiek, 2004, 97p.

 

SWERTZ, O., DUIMELAAR, P. en THIJSSEN, J., Allochtonen in Nederland 2004, Voorburg, Centraal Bureau voor Statistiek, 2004, 137p.

 

VAN DER LAAN BOUMA-DOFF, W., “Leefbaarheid in concentratiewijken”, gevonden te www.iseo-eur.com, 13, op 2 februari 2005.

 

VAN DE WOUDEN, R., DE BRUIJNE, E. en WITTEBROOD, K., De stad in de omtrek, Den Haag, Sociaal en Cultureel Planbureau, 2001, 198p.

 

Monografieën

 

BIJTTEBIER, J., BUTENAERTS, P., DESCHOUWER, K., ELCHARDUS, M., GAUS, H., HOUTTEKIER, D., HUYSE, L., NEELS, A., SWYNGEDOUW, M. en VANDERKINDERE, T., 24 november 1991.  De betekenis van een verkiezingsuitslag, Leuven, Kritak, 1992, 67p.

 

CASTELLS, M., La question urbaine, Parijs, Maspero, 1972, 451p.

DAGEVOS, J., Gescheiden werelden?  De etnische signatuur van vrijetijdscontacten van minderheden.  Paper voor de sociaal-wetenschappelijke studiedagen te Amsterdam 22-23 april 2004, Amsterdam, 2004.

 

DE DECKER, P., HUBEAU, B. en NIEUWINCKEL, S.(eds.), In de ban van stad en wijk, Berchem, Epo, 1996, 268p.

 

DE RIJNCK, F., BOUDRY, L. en CABUS, P. (eds.), De eeuw van de stad: over stadrepublieken en rastersteden -  witboek, Brussel, Ministerie Vlaamse Gemeenschap Project Stedenbeleid, 2003, 238p.

 

DENTON, N.A., MASSEY, D.S., GRIGOROVA, A., MARKOWICZ, I. en BODY-GRENDOT, S., American Apartheid, Paris, Descartes, 1995, 383p.

 

DUYVENDAK, J.W. en VELDBOER, L. (eds.), Meeting Point Nederland.  Over samenlevingsopbouw, multiculturaliteit en sociale cohesie, Amsterdam, Boom, 2001, 224p.

 

HORTULANUS, R.P. en MACHIELSE, J.E.M. (eds.), Op het snijvlak van de fysieke en sociale leefomgeving, ’s-Gravenhage, Elsevier, 2001, 132p.

 

KESTELOOT, C. (ed.), Barsten in België, Berchem, Epo, 1990, 208p.

 

KESTELOOT, C., VANDENBROECKE, H. en VAN DER HAEGEN, H., Atlas van achtergestelde buurten in Vlaanderen en Brussel, Brussel, Ministerie van de Vlaamse gemeenschap, 1996.

 

LEGATES, R.T. en STOUT, F. (eds.), The City Reader, Londen, Routledge, 1996, 532p.

 

MUSTERD, S. en GOETHALS, A. (eds), De invloed van de buurt, Amsterdam, SISWO, 1999, 115p.

 

MUSTERD, S., Ruimtelijke segregatie en sociale effecten, Assen, Van Gorum en Comp, 1996, 44p.

 

PARK, R.E. en BURGESS, E.W., Introduction to the science of sociology, Chicago, University of Chicago Press, 1930, 1040p.

 

PARK, R.E., BURGESS, E.W. en MCKENZIE, R.D. (eds.), The City, Chicago, University of Chicago Press, 1970, 239p.

 

PUTNAM, R.D., Bowling Alone: the collapse and revival of American community, New York, Simon & Schuster, 2000, 541p.

 

REX, J., MOORE, R.,  SHUTTLEWORTH, A. en WILLIAMS, J., Race, community and conflict: a study of Sparkbrook, Londen, Oxford University Press, 1971, 304p.

 

ROBSON, B., Those inner cities, Oxford, Clarendon Press, 1988, 243p.

 

ROVERS, G.B., De buurt een broeinest? Een onderzoek naar de invloed van woonomgeving op jeugdcriminaliteit, Nijmegen, Ars Aequi Libri, 1997, 242p.

 

SCHETS, L. (ed.), De eeuw van de stad: over stadrepublieken en rastersteden - voorstudies, Brussel, Ministerie Vlaamse Gemeenschap Project Stedenbeleid, 2003, 479p.

 

SHAW, C.R. en MCKAY, H.D., Juvenile delinquency and urban areas, Chicago, University of Chicago Press, 1969, 394p.

 

TESSER, P.T.M., VAN PRAAG, C.S., VAN DUGTEREN, F.A., HERWEIJER, L.J. en VAN DER WOUDEN, H.C., Rapportage minderheden 1995: Concentratie en segregatie, Rijkswijk, Sociaal en Cultureel Planbureau, 1995, 531p.

 

UITERMARK, J., De sociale controle van achterstandswijken.  Een beleidsgenetische perspectief, Amsterdam, Knag, 2003, 178p.

 

VAN HOOF, J. en VAN RUYSSEVELDT, J. (eds.), Sociologie en moderne samenleving,  Boom, Open universiteit, 2001, 575p.

 

VAN KEMPEN, R., HOOIMEIJER, P., BOLT, G., BURGERS, J., MUSTERD, S., OSTENDORF, W. en SNEL, E. (eds.), Segregatie en concentratie in Nederlandse steden: mogelijke effecten en mogelijk beleid, Assen, Van Gorcum, 2000, 86p.

 

VAN VOLSEM, C.A., Mens erger je niet!  Jongerenoverlast in de stad Antwerpen, onuitgeg., licentiaatsverhandeling in criminologie, Vrije Universiteit Brussel, 2004, 184p.

 

VLAEMINCK, S., Sociale stadsvernieuwing concreet: middelen, moeilijkheden, mogelijkheden, Gent, Snoeck-Ducaju & Zoon, 1981, 369p.

 

WILSON, W.J., The Truly Disadvantaged. The Inner City, the Underclass, and Public Policy, Chicago, The University of Chicago Press, 1987, 254p.

 

Tijdschriftartikels

 

ATKINSON, R. en KINTREA, K., “Disentangling area effects: evidence from deprived and non-deprived neighbourhoods”, Urban Studies, 2001 (12), 2277-2298.

 

ATKINSON, R. en KINTREA, K., “Owner-accupation, Social Mix end Neighbourhood Impacts”, Policy and Politics, 2000 (1), 93-108.

 

BLOKLAND, T., “Middenklassers als middel.”, Beleid en maatschappij, 2001 (1), 42-53.

 

BOLT, G., “Over spreidingsbeleid en drijfzand”, Migrantenstudies, 2004 (2), 60-73.

 

GALSTER, G. en ZABEL, A., “Will dispersed housing programmes reduce social problems in the U.S.?”, Housing Studies, 1998 (5), 605-622.

 

KESTELOOT, C., “Over de beperkingen van sociale mix als beleidsstrategie”, Planologisch nieuws, 1998 (18), 146-147.

 

KRUYTHOFF, H., “Dutch urban restructuring policy in action against socio-spatial segregation: sense or nonsense?”, European Journal of Housing Policy, 2001(2), 193-215.

 

MUSTERD, S. en OSTENDORF, W., “Beleid van stedelijke vernieuwing. Tussen mythe en werkelijkheid”, Beleid en maatschappij, 2001 (1), 30-41.

 

MUSTERD, S., OSTENDORF, W. en DE VOS, S., “Neighbourhood Effects and Social Mobility: A Longitudinal Analysis”, Housing Studies, 2003 (6), 877-892.

 

OSTENDORF, W., MUSTERD, S. en DE VOS, S., “Social Mix and the Neighbourhood Effect, Policy Ambitions and Empirical Evidence”, Housing Studies, 2003 (3), 371-380.

 

PELEMAN, K., “Is er een sociaal spreidingsbeleid mogelijk?”, Rooilijn, 2003 (2), 61-67.

 

STOUTHUYSEN, P., DUYVENDAK, J.W. en VAN DER GRAAF, P., “Stedelijk beleid in Vlaanderen en Nederland: kansarmoede, sociale cohesie en sociaal kapitaal”, Tijdschrift voor sociologie, 1999 (3-4), 579-608.

 

UITERMARK, J., “‘Social Mixing’ and the Management of Disadvantaged Neighbourhoods: The Dutch Policy of Urban Restructuring Revisited”, Urban Studies, 2003 (3), 531-549.

 

VAN BECKHOVEN, E. en VAN KEMPEN, R., “Social Effects of Urban Restructuring: A Case Study in Amsterdam and Utrecht, the Netherlands”, Housing Studies, 2003 (6), 853-875.

 

VAN DER LAAN BOUMA-DOFF, W., “Begrensd contact. De relatie tussen ruimtelijke segregatie van allochtonen en de mate van contact met autochtonen”, Mens en maatschappij, 2004 (4), 348-366.

 

VAN DER VIJVER, K., “Politie en onveiligheidsgevoelens,” Tijdschrift voor Criminologie, 1994 (4), 316-329.

 

VAN KARSTEN, L. en VAN KEMPEN, E., “Middenklassegezinnen in herstructureringswijken”, Beleid en maatschappij, 2001 (1), 18-29.

 

Internetartikels

 

CD&V ANTWERPEN, “Effectieve spreiding asielzoekers”, gevonden te www.bisnet.be/cdenv, op 10 juli 2005.

 

çELIK, M., “Rotterdam als ijzingwekkende thriller”, gevonden te www.pvdarotterdam.nl, op 30 maart 2005.

 

ELLEMERS, J.E., “Jaarboek 2002: Het fenomeen Fortuyn”, gevonden te www.rug.nl/dnpp/jaarboeken/index, 281, op 12 februari 2005. 

 

GEMEENTE ROTTERDAM, “Interview met programmamanager Frans Meijer”, gevonden te www.rotterdam.nl, op 27 maart 2005.

 

GEMEENTE ROTTERDAM, “Huisvestigingsvergunning”, gevonden te www.wonen.rotterdam.nl, op 5 mei 2005.

 

GEMEENTE ROTTERDAM, “Rotterdam start met een huisvestigingsvergunning”, gevonden te www.rotterdam.nl, op 5 mei 2005.

 

HASAERT, J., “Nederland trekt naar de stembus.  Paarse coalitie krijgt klappen in  peilingen”, gevonden te www.ptb.be, op 30 maart 2005.

 

HELLEMAN, G., “Het rijksbeleid door de jaren heen”, gevonden te www.kei-centrum.nl, 10, op 12 februari 2005.

 

LANDELIJK BUREAU TER BESTRIJDING VAN RASSENDISCRIMINATIE, “Ruimtelijke segregatie in Nederland - Factsheet”, gevonden te www.lbr.nl, op 12 februari 2005.

MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP, “Stedenbeleid”, gevonden te  www.binnenland.vlaanderen.be, op 8 juli 2005.

 

MUSTERD, S., “Ruimtelijk beleid bevordert maatschappelijke integratie niet”, gevonden te www.knag.nl/pages/agenda/geo2000/beleid.html, op 12 februari 2005.

 

PARLEMENTAIR DOCUMENTATIECENTRUM, “Verkiezingen 1994”, gevonden te www.parlement.com, op 30 maart 2005.

 

PARLEMENTAIR DOCUMENTATIECENTRUM, “Verkiezingen 2002”, gevonden te www.parlement.com, op 30 maart 2005.

 

PARLEMENTAIR DOCUMENTATIECENTRUM, “Verkiezingen 2003”, gevonden te www.parlement.com, op 30 maart 2005.

 

PASTORS, M., “Het ongenoegen is er nog, maar zal afnemen”, gevonden te www.leefbaarrotterdam.nl, op 30 maart 2005.

 

UITENTUIS, J., “De politieke les van Fortuyn”, gevonden te www.jelmer.info, op 30 maart 2005.

 

STAD ANTWERPEN, “Feiten en cijfers”, gevonden te www.stadantwerpen.be, op 3 juli 2005.

 

X., “Spreidingsbeleid / Rotterdams plan oogst instemming,” gevonden te www.trouw.nl, op 12 februari 2005.

 

Krantenartikels

 

BERX, C. en VAN PEEL, M., “Het taboe van de sociale mix”, 18/05/2004, gevonden te www.gazetvanantwerpen.be, op 9 september 2004.

DE COCK, J., “Interview Ivo Opstelten, burgemeester van Rotterdam”, 08/05/2004, gevonden te www.standaard.be, op 9 september 2004.

 

FRANSEN, G., “Antwerpse schepen Marc Van Peel gaat ‘Rotterdammen’”, 3/12/2003, gevonden te www.standaard.be, op 9 september 2004.

 

INSLEGERS, G., DE DECKER, P., e.a., “Pak de armoede aan in plaats van de armen”, 14/05/2004, gevonden te www.standaard.be, op 9 september 2004.

 

MOOLENAAR, L., “De sociale huisvesting gaat tweemaal failliet”, Gazet van Antwerpen, 4 november 2004, 22.

 

RASPOET, E., “Moet Antwerpen de instroom van kansarmen gaan beperken?”, De Standaard, 8 mei 2004, 52-53.

 

S.V.W., “Vlaams Belang wil immigratiestop”, Gazet van Antwerpen, 26 november 2004, 1.

 

TUERLINCKX, K., “Met een veiligheidsbudget van 189 miljoen mag je meer verwachten”, Gazet van Antwerpen, 12 november 2004, 18.

 

TUERLINCKX, K., “Zonder excuses en taboes.  Stadsplan Veilig wil weer Antwerpse buurten waar het prettig om leven is”, Gazet van Antwerpen, 12 november 2004, 18.

 

X., “Basta verwerpt stadsplan Veilig”, gevonden te www.gazetvanantwerpen.be, op 10 juli 2005.

 

Varia

 

Gesprek met kabinetadviseurs Cathy-Ann Van Volsem en Tinneke Verduyn van het kabinet Integrale Veiligheidszorg Antwerpen op 4 april 2005.

 

Schriftelijk contact met Cathy Berx, Vlaams parlementslid (CD&V) en ondervoorzitter OCMW op 12 juli 2005.

 

Schriftelijk contact met Filip Dewinter, Vlaams parlementslid en fractievoorzitter van het Vlaams Belang op 1 augustus 2005.

 

Telefonisch gesprek met Bob Cools, gewezen burgemeester Antwerpen (SP.A.) en O.C.M.W.-voorzitter, momenteel voorzitter van de sociale huisvestingsmaatschappij Onze Woning in Antwerpen op 30 juli 2005.

 

Telefonisch gesprek met Erwin Pairon, Antwerpse schepen van leefmilieu, groenvoorziening, afvalbeleid, huisvesting, bevolking en ontwikkelingssamenwerking (Groen!) op 7 juli 2005.

 

Verslag van het werkbezoek op 27 mei 2005 aan Rotterdam door de koepel van de Christelijke Werknemersorganisatie.

 

Voorstelling van het actieplan “Rotterdam zet door… op weg naar een stad in balans” door de programmamanager Frans Meijer, in de Erasmus Universiteit Rotterdam, op 11 mei 2005.

Download scriptie (3.58 MB)
Universiteit of Hogeschool
Vrije Universiteit Brussel
Thesis jaar
2005