De ambtshalve toepassing van het Europees consumentenrecht

Marijke
Frosch

Europeanisatie door de rechtspraak - Oneerlijk beding, en nu?

Een nieuw mobiel abonnement, die leuke schoenen online en altijd maar die vervelende voorwaarden die gelezen en goedgekeurd moeten worden. Een hoop juridische bewoordingen, maar wat er nu echt staat en wat de gevolgen van het ondertekenen van die overeenkomst zijn is niet altijd even duidelijk. Herkenbaar? Als consument sluit je steeds een overeenkomst met voorwaarden. Hoewel deze meestal geen betwistingen opwerpen kan het voorkomen dat je soms toch ineens oog in oog staat met het recht. Hoeveel bescherming moet je als consument krijgen of had je gewoon beter moeten weten?

De Europese wetgever tracht daarom de consumentenwetgeving te harmoniseren, zodat overal dezelfde bescherming geboden kan worden. Een eerste stap in die richting was de richtlijn 93/13, ook wel bekend als de oneerlijke bedingen richtlijn. Deze richtlijn had tot bedoeling de interne markt tot stand te brengen en tegelijkertijd de consument te beschermen tegen oneerlijke bedingen.

Het moet gaan over een beding in een overeenkomst waarover niet afzonderlijk is onderhandeld. Er is pas sprake van een oneerlijk beding wanneer het beding voorkomt op de lijst van onrechtmatige bedingen ofwel in strijd is met de goeder trouw en/of een aanzienlijk onevenwicht met zich meebrengt (de open norm). Dus wanneer de rechter op deze wijze het bestaan van een oneerlijk beding vaststelt volgt uit artikel 6, 1e lid dat dit de consument niet zal binden. Deze sanctie zal door de nationale rechter concreet, doeltreffend en met geschikte middelen moeten worden ingevuld.

Wat deze middelen juist zijn werd niet verduidelijkt en dus bestaat er geen artikel dat voorziet in een ambtshalve toetsingsplicht.

Daarom was de vraag die aanleiding gaf tot een reeks arresten de volgende; Dient de rechter algemene voorwaarden op onrechtmatige bedingen te toetsen of moet de consument uitdrukkelijk de vernietigbaarheid inroepen?

Met het arrest Océano opende het Hof het debat omtrent de reikwijdte v/d bescherming, met name of er een ambtshalve toets nodig/verplicht om de geboden bescherming te garanderen. In de navolgende arresten, Cofidis en Mostaza Claro heeft het Hof de ambtshalve bevoegdheid tot een plicht verheven, maar dit geeft toch een aantal knelpunten.

  1. Ambtshalve plicht in alle richtlijnen?

Het bleef immers onduidelijk of het Hof de bedoeling had gehad deze ambtshalve plicht door te trekken naar alle richtlijnen. Dit idee werd door het Hof afgevoerd in het arrest Van Der Weerd, maar met de zaken Rampion en Martin Martin lijkt het Hof door haar bewoordingen de plicht tot ambtshalve toetsing toch door te trekken naar de andere consument beschermende richtlijnen. In het licht van het doel en strekking v/d consument beschermende richtlijnen is het dan ook aannemelijk dat het Hof dit voor ogen had.

  1. Wilsautonomie?

Dat het sluiten van contracten en dus juridische verhoudingen noodzakelijk is voor het tot stand brengen van een interne markt is logisch. Desondanks lijkt de dwingende wetgeving die volgt uit de richtlijn de vrijheid om de inhoud van een overeenkomst te bepalen te beperken. Enige nuance volgt na het arrest Pannon, nu dat de consument een medezeggenschap werd toegekend, waardoor hij goed geïnformeerd afstand kan doen v/d toegekende bescherming. Dit is anders voor de andere contracterende partij, de verkoper. Een overeenkomst kan de verkoper ook schaden bijvoorbeeld, wanneer de overeenkomst blijft gehandhaafd zonder de oneerlijke bedingen. De beperking v/d wilsautonomie is echter mijn inziens noodzakelijk om de consument adequaat te kunnen beschermen en bovendien de richtlijn is er niet op gericht op de verkoper te beschermen. In België geeft dit een probleem omtrent de sanctionering van een oneerlijk beding. Hier bestaat er een tweedeling tussen een absolute en een relatieve nietigheid, waarbij enkel de absolute nietigheid ambtshalve kan opgeworpen worden door de rechter, alsook door de partijen. De verkoper kan dus ook genieten v/d aan de consument geboden bescherming ten nadele v/d consument. Een nieuw sanctioneringsmechanisme is vereist om aan de noden v/d rechtspraak van het Hof te kunnen voldoen.

  1. Is de richtlijn van openbare orde?

Gezien de grote invloed van het Hof op de nationale wetgeving inzake onrechtmatige bedingen kan de vraag rijzen of de richtlijn al dan niet van openbare orde is. In de zaken Van Schijndel en Vander Weerd lijkt het Hof hier eerder terughoudend in te zijn. Al lijken de gevolgen v/d richtlijn eerder aansluiten bij een openbaar orde karakter, in plaats van een dwingende bepaling.

  1. Ondergeschikt nationaal recht?

In het licht van het voorgaande rijst de vraag in hoeverre het nationale recht nog belang heeft op het vlak van consumentenbescherming. Met andere woorden heeft België nog procedurele autonomie? In het arrest Cassis de Dijon werden de klassieke onderdelen v/d procedurele autonomie al beperkt. De ambtshalve plicht om in te grijpen zorgt ervoor dat andersluidende nationale procedureregels op grond van voorrang van het Gemeenschapsrecht achterwege moeten blijven. Maar het Hof heeft in de arresten Van Schijndel en Peterbroeck de bevoegdheid v/d rechter om ambtshalve in te grijpen beperkt. Enkel uitzonderlijk, dus wanneer de openbare orde dit vereist, zal de rechter ambtshalve kunnen optreden.

Het Hof verduidelijkte in Pannon, Pénzügy, Pereničová en Banesto, de reikwijdte v/d plicht, maar hier is er een knelpunt met het ultra-petita verbod dat in België de rol v/d rechter tempert. Nauw samenhangend is ook het beginsel van partijautonomie, waarbij het initiatief voor een procedure bij partijen ligt. Zeker in cassatie vormt dit een probleem, aangezien deze enkel rekening mag houden met de reeds voorliggende feiten. Het nationale recht zal hier dus ook een stapje opzij moeten doen, alvorens conform te zijn aan de rechtspraak van het Hof.

Kortom, de ambtshalve plicht heeft een verregaande impact op de nationale wetgeving van lidstaten. Zodanig dat er sprake is van een Europeanisatie door de rechtspraak. Mijn inziens is het Hof in haar voornemen de consument te beschermen zeer ver gegaan in haar manier van ‘interpreteren’ door het geven van aanwijzingen, eerder dan interpreteren. Het is dan ook maar de vraag of het nodig is geweest om te raken aan traditionele beginselen van het nationale recht, zoals het lijdelijkheidsbeginsel en de partijautonomie, teneinde de consument te beschermen.

Bibliografie

BIJLAGEN

1. BIBLIOGRAFIE

I. WETGEVING

A. EUROPESE WETGEVING

- Richtlijn 85/577/EEG van de Raad van 20 december 1985 betreffende de bescherming van de consument bij buiten verkoopruimten gesloten overeenkomsten, Pb. L. 372, 31 december 1985, 31-33.

- Richtlijn 87/102/EEG van de Raad van 22 december 1986 betreffende de harmonisatie van de wettelijke en bestuurlijke bepalingen der lidstaten inzake het consumentenkrediet, Pb. L 1987, 12 februari 1987, 42, gewijzigd bij Richtlijn 87/7/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998, Pb. L 101, 1 april 1998, 17.

- Richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten, PB.L. 95, 21 april 1993, 29.

- Richtlijn 1999/44/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 mei 1999 betreffende bepaalde aspecten van de verkoop van en de garantie voor consumptiegoederen, Pb. L 171, 7 juli 1999, 11

- Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten, COM/90/322 Final, Pb. C, 28 september 1990, 2.

- Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende consumentenrechten, COM (2008) 614 def, 8 oktober 2008, http://eur-lex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=COM:2008:0614:FIN…

B. NATIONALE WETGEVING

1. België

- Wet 14 Juli 1991 betreffende de handelspraktijken en de voorlichting en bescherming van de consument, BS 29 augustus 1991, 22399.

- Wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming, BS 12 april 2010.

- KB 9 Juli 2000 betreffende de vermelding van de essentiële gegevens en de algemene verkoopsvoorwaarden op de bestelbon voor nieuwe autovoertuigen, BS 9 augustus 2000, 27300.

- KB 12 januari 2007 betreffende het gebruik van bepaalde bedingen in de bemiddelingsovereenkomsten van vastgoedmakelaars, BS 19 januari 2007, 2363.

54

 

- Wet 2 augustus 2002 betreffende de misleidende en vergelijkende reclame, de onrechtmatige bedingen en de op afstand gesloten overeenkomsten inzake de vrije beroepen, BS 20 november 2002, 51704

3. Nederland

- Wet 18 juni 1987, Staatsblad 1987, nr. 237.

- Wet van 28 oktober 1999 tot aanpassing van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek aan de richtlijn betreffende de oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten, Stb 1999, 468;

4. Frankrijk.

- Loi n°78-23 du 10 janvier 1978 Dite scriverner sur la protection et l’information des consommateurs de produits et de services, JORF 11 janvier 1978, 301.

- Loi no 95-96 du 1er février 1995 concernant les clauses abusives et la présentation des contrats et régissant diverses activités d'ordre économique et commercial, JORF n°28, 2 février 1995, 1755.

- Loi n° 2008 du 3 janvier 2008 pour le développement de la concurrence au service des consommateurs, JORF n°3 du 4 janvier 2008.

- Projet de loi renforçant les droits, la protection et l'information des consommateurs, Doc. Parl. 2010-2011, Assemblrée nationale, 23 décembre 2011, n° 4141.

- Proposition de loi portant création d'une action de groupe en matière de consommation, de concurrence et de santé de M.J. MÉZARD, Doc. Parl 2012-2013, Sénat 5 avril 2013, n° 484.

5. Duitsland

- Gesetz zur Regelung des Rechts der Allgemeinen Geschäftsbedingungen vom 9 Dezember 1976, BGBL, I, 1103.

- Gesetz vom 19 juli 1996 zür Änderung des AGB-Gesetzes und der Insolvenzordnung, BGBl. 1996, I, nº 36, 1013.

C. ADVIES

- Advies van de Commissie voor Onrechtmatige Bedingen, "Advies over de omzetting van de richtlijn 93/13/eeg van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten", 19 september 1996, http://economie.fgov.be/nl/binaries/COB2_tcm325-74384.pdf

- Advies van de Commissie voor Onrechtmatige Bedingen, "Advies inzake de regeling van onrechtmatige bedingen in het voorontwerp van wet betreffende bepaalde marktpraktijken", 19 november 2008, nr. 25, 32-33, http://economie.fgov.be/nl/binaries/COB25_tcm325-74403.pdf

- Advies van de Commissie voor Onrechtmatige Bedingen, "Advies inzake de regeling van onrechtmatige bedingen in het voorstel voor richtlijn betreffende

55

 

consumentenrechten", 9 juni 2010, http://economie.fgov.be/nl/binaries/COB%2028-def_tcm325-106718.pdf

- Advies van LOVCK / Nederland, "Eindverslag werkgroep ambtshalve toepassing van het Europees consumentenrecht", 17 februari 2010, http://www.rechtspraak.nl/Procedures/Landelijke-regelingen/Sector-civiel recht/Documents/EindrapportLOVCKwerkgroepambtshalvetoetsing_17210.pdf

- Report from the Commission, "Report from the Commission on the implementation of Council Directive 93/13/EEC of 5 april 1993 on unfair terms in consumer contracts, 27 april 2000, COM(2000)248 Final, Pb. C 248, 29 augustus 2000, 8.

II. RECHTSPRAAK

A. EUROPESE RECHTSPRAAK

1. RECHTSPRAAK

- HvJ 45-76, Comet BV v. Produktschap voor Siergewassen, 16 december 1976, Jur. 1976, 2043.

- HvJ C-120/78 Rewe-Zentralag v.Bundesmonopolverwaltung für Branntwein, 20 februari 1979, Jur. 1979, I, 649.

- HvJ 243-78, Commissie v. Simmenthal SPA, 5 maart 1980, Jur. 1980, 593.

- HvJ C-106/89, Marleasing SA v. Comercial Internacional de Alimentacion SA, 13 november 1990, Jur. 1990, I, 4135.

- HvJ C312-93, Peterbroeck, v. Belgische Staat, 14 december 1995, Jur. 1995, 4615

- HvJ C-430/93 en C-431/93, J. van Schijndel en J. N. C. van Veen v. Stichting Pensioenfonds voor Fysiotherapeuten, 14 december 1995, Jur. 1995, I, 04705.

- HvJ C-126/97, Eco Swiss China Time Ltd v Benetton International NV, 1 juni 1999, Jur. 1999, I, 3055.

- HvJ C-240/98 Océano Grupo Editorial en Salvat Editores SA v. José M. Sanchez Alcon Prades, 27 juni 2000, Jur. 2000, I, 4941.

- HvJ C-144/99, Commissie v. Nederland, 10 mei 2001, Jur. 2001, I, 3541.

- HvJ C-541/99 en C-542/99, Cape Snc v Idealservice Srl en Idealservice MN RE Sas v OMAI, 22 november 2001, Jur. 2001, I, 9049.

- HvJ C-478/99, Commissie v. Zweden, 7 mei 2002, Jur. 2002, I, 4147.

- HvJ C-473/00 Cofidis SA v. Jean-Louis Fredout, 21 november 2002, Jur. 2002, I, 10875.

56

 

- HvJ C-237/02, Freiburger Kommunalbauten, 1 april 2004, Jur. 2004, I, 3403.

- HvJ C-302/04 Ynos kft v. János Varga, 10 januari 2006, Jur. 2006, I, 371.

- HvJ C-234/04, Kapferer, 13 maart 2006, Jur. 2006, I, 2585.

- HvJ C40/08 Asturcom Telecomunicaciones SL v. Cristina Rodríguez Nogueira, 6 oktober 2009, Jur. 2009, I, 9579.

- HvJ C-168/05 Elisa Maria Mostaza Claro v. Centro Móvil Milenium SL, 26 oktober 2006, Jur. 2006, I, 10421.

- HvJ C-222/05 - C-225/05, J. van der Weerd en anderen, H. de Rooy sr. en H. de Rooy jr., Maatschap H. en J. van ’t Oever en anderen en B. J. van Middendorp tegen Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, 7 juni 2007, Jur. 2007, I, 04233.

- HvJ C-429/05 Rampion en Godard t/ SA Franfinance en K par K sas, 4 oktober 2007, Jur. 2007, I, 8050.

- HvJ C-412/06, Hamilton, 10 april 2008, Jur. 2008, I, 2382.

- HvJ C-243/08 Pannon GSM Zrt. V. Erzsébet Sustikné Gyorfi, 4 juni 2009, Jur.2009, I, 4713.

- HvJ C-137/08 VB Pénzügyi Lízing Zrt. tegen Ferenc Schneider, 9 november 2010, Jur. 2010, I, 10847.

- HvJ C-227/08 Eva Martín Martín v. EDP Editores SL, 17 december 2009, Jur. 2009, I, 11939.

- HvJ C-76/10, Pohotovosť s.r.o. v. Iveta Korčkovská, 16 november 2010 Jur. 2010, I, 11557.

- HvJ C-453/10 Pereničová en Perenič, 15 maart 2012, ongepubl., http://www.curia.europa.eu

- HvJ C-618/10, Banco Español de Crédito SA tegen Joaquín Calderón Camino, 14 juni 2012, ongepub. http://www.curia.europa.eu

- HvJ C-92/11, RWE Vertrieb / Verbraucherzentrale Nordrhein-Westfalen, 21 maart 2013, ongepub. http://www.curia.europa.eu

57

 

2. CONCLUSIES

- Concl. Adv. Gen. DARMON in gevoegde zaken C-87/90, C-88/90 en C-89/90, 29 mei 1991, Jur. 1991, I, 3768.

- Concl. Adv. Gen. SAGGIO in zaak C-240/98 Océano Grupo Editorial en Salvat Editores SA v. José M. Sanchez Alcon Prades, 16 december 1999, Jur. 2000, I, 4943.

- Concl. Adv. Gen TIZZANO in zaak C-302/04, Ynos, 10 januari 2006, Jur. 2006, I, 371.

- Concl. Adv. Gen TRSTENJAK in zaak C-227/08 Eva Martín Martín v. EDP Editores, S.L., 7 mei 2009, Jur. 2009, I, 11939.

- Concl. Adv.Gen.TRSTENJAK, in zaak C-40/08, Asturcom Telecomunicaciones, 14 mei 2009, Jur. 2009, I, 9579.

- Concl. Adv. Gen TRSTENJAK in zaak 453/10, Jana Pereničová,Vladislav Perenič v. S.O.S. financ, spol. Sro, ongepubl. http://www.curia.europa.eu,

- Concl. Adv. Gen. TRSTENJAK in zaak C-618/10 Banco Español de Crédito SA tegen Joaquín Calderón Camino, 14 februari 2012, ongepubl. http://www.curia.europa.eu.

- Concl. Adv. Gen TRSTENJAK in zaak C 92/11, RWE Vertrieb / Verbraucherzentrale Nordrhein-Westfalen, 13 september 2012, ongepubl. http://www.curia.europa.eu

B. NATIONALE RECHTSPRAAK

1. België

- Arbitragehof 26 oktober 2005, RW 2006-07, 442.

- Cass. 18 maart 1988, Pas. 1988, 868.

- Cass. 27 februari 1998, Arr.Cass. 1998, 252.

- Cass. 3 april 2006, JLMB 2007, 850.

- Cass. 14 april 2005, JLMB 2005, 856, noot G. DE LEVAL.

- Cass. 14 april 2005, Arr. Cass. 2005, 868, noot. P. DE COSTER.

- Cass. 26 mei 2005, TBBR 2007, afl. 1, 52.

- Cass. 8 september 2008, Pas. 2008, 1880.

- Gent 23 maart 2005, DCCR 2006, afl. 73, 70.

58

 

- Luik 6 februari 2006, JLMB 2008, 92, noot. C. DELFORGE.

- Antwerpen 17 december 2007, NJW 2008, afl. 183, 448, noot R. STEENNOT.

- Gent 20 oktober 2010, DCCR 2011, 198, noot P. CAMBIE.

- Gent 4 januari 2012, Juristenkrant 2012, 7.

- Rb. Antwerpen 26 oktober 2007, RW 2009-10, 1529.

- Vred. Brussel, 2 maart 2010, Ius & Actores 2010, 61, noot A. BERTHE.

- Vred. Brussel 23 september 2003, TBH 2005, 160, noot J.P. BUYLE en M. DELIERNEUX.

- Voorz. Kh. Brussel 16 juni 2003, TBH 2003, afl. 10, 893, noot. L. KERZMANN

2. Frankrijk

- Cass. 22 oktober 1996, Bulletin 1996, IV, afl. 262, 223.

- Cass. 15 feburari 2000, Bulletin 2000, I, afl. 49, 34.

- Cass. 5 maart 2002, Bulletin 2002, I, afl. 78, 60.

- Cass. 10 juli 2002, Bulletin 2002 I, afl. 195,149.

- Cass. 22 april 2005, Bull. civ. 2005, afl. 4, 10.

- Cass. 22 janvier 2009, Bulletin 2009, I, afl. 9, 176.

- Cass. 4 mai 2012, 11-14.307, Non publié au bulletin, http://www.legifrance.gouv.fr.

III. RECHTSLEER

B. ALLEMEERSCH, "De taakverdeling tussen rechter en partijen in het burgerlijk proces" in P. VAN ORSHOVEN , Gerechtelijk Recht. Stand van zaken en actuele ontwikkelingen op het stuk van.., Brugge, Die Keure, 2006, 114p.

ANCERY, A. en KRANS, H., "Ambtshalve toepassing van Europees consumentenrecht", RM Themis 2009, 191-200.

F. BOGAERT, en B. VAN BAEVENGHEM,"Contractuele aspecten van de wet marktpraktijken" in I. CLAEYS, R. STEENNOT en M. TISON (EDS.), Economisch recht: Ondernemingen, concurrenten en consumenten 2010-2011, Gandaius, XXXVIIIste Postuniversitaire Cyclus Delva, Mechelen, Kluwer, 2011, 1-54. 59

CAUFFMAN, C., FAURE, M. en HARTLIEF, T., "Het richtlijnvoorstel consumentenrechten: quo vadis?", Contracteren 2010, 72-79.

CAUFFAMN, C., FAURE, M., en HARTLIEF, T., Harmonisatie van het consumentencontractenrecht in Europa:consequenties voor Nederland, Den Haag, Boom Juridische Uitgevers, 296p.

CAMBIE, P., Onrechtmatige bedingen, Gent, Larcier, 2009, 478p.

CHENEVIERE, C.,"Arrêts Pannon et Asturcom : Le caractère abusif des clauses attributives de compétence dans la lignée de la jurisprudence Océano", REDC 2010, afl. 2, 351-363.

CORNELIS, L., Algemene theorie, Antwerpen, Intersentia, 2000, 997p.

DAUW P.en VOET, S., "Gewijzigd gerechtelijk recht. Wet van 26 april 2007 met het oog op het bestrijden van de gerechtelijke achterstand", NJW 2007, 578-593.

DAVO, H., "Clauses abusives: loi du février 1995 transposant la directive 93/13/CEE en droit français", ERPL 1997, 157-164.

DEMUNYCK, I.,"De consument en de onrechtmatige contractuele bedingen" in K. BERNAUW, Consumentenrecht, Brugge, Die Keure, 1998.

DELFORGE, C., "Clauses abusives, office du juge et renonciation" noot onder Luik 6 februari 2006, JLMB 2008, 93-103.

DE BAUW, H., Becommentarieerd wetboek handelspraktijken 2006, Mechelen, Kluwer, 2006, 187p.

DE MEESTER, W., "De omzetting van de Richtlijn oneerlijke handelspraktijken – Hoeveel vrijheid heeft België nog?", Jura Falc. 2008-09, 49-75.

DE GRAVE, D., "Ambtshalve toetsing door de Europese rechter: een ander perspectief", SEW 2009, 12-20.

DE ZUTTER, L.,"Le juge face aux clauses abusives: á la croisée du droit des obligations et du droit judiciare", Annales de droit de Louvain 2011, vol. 71, afl. 2, 180-189.

DE MEESE, T., "Commentaar bij het arrest van het Hof van Justitie van 27 juni 2000", TBH-Actualiteit 2000, 670-679.

EBERS, M.,"Mandatory Consumer Law, Ex officio Application of European Union Law and Res Judicata: From Océano to Asturcom", SSRN: http://ssrn.com/abstract=1709347

FLAMEE M., en TROCH, K., "De invloed van de E.G.-richtlijnen van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten op het heersend Belgisch recht", TBH 1996, 28-57.

FRICERO, N., "Procédure civile", Recueil Dalloz 2010, 138-169. 60

HERB, A., Europäisches Gemeinschaftsrecht und nationaler Zivilprozess, Tübingen, Mohr Siebeck, 2007, 331p.

HOFSTÖTTER, M. EN WITTWER, A.," Judgment of 21 November 2002 : Case C-473/00, Cofidis", European Banking and Financial Law Journal 2003, 115-129.

HONDIUS, E.,"Naar een Europees contractenrecht: de richtlijn oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten" NTBR 1993, afl. 6, 108-112.

HONDIUS, E., "De toekomst van het consumentenrecht" in J. MEEUSEN, G. STRAETMANS EN A. VAN DEN BOSSCHE (eds.), Het EG-consumentenacquis: nu en straks, Antwerpen, Intersentia, 2009, 101-140.

JACQUEMIN, H., "Arrêt Perenicová: incidence d’une clause abusive sur la validité du contrat", REDC 2012, 575-585.

JONGENEEL, R., "Het Pénzügyi-arrest: een beperkte onderzoeksplicht in het kader van de ambtshalve toetsing", NTER 2011, afl. 1, 33-37.

KRANS, H., Nederlands burgerlijk procesrecht en materieel EU-recht, Hoofddorp, Kluwer, 2010, 201p.

LENAERTS, K. EN VAN NUFFEL, P., Europees Recht, Antwerpen, Intersentia, 2011, 753p.

LOMBART, A., "Les clauses abusives" in T. HEREMANS (eds.), La Nouvelle loi relative aux pratiques du marché et á la protection du consommatuer: tout sur l’ancien et le nouveau regime, Gent, Larcier, 2010, 101-115.

LOMBART, "Les clauses abusives" in T. Heremans (eds.), La Nouvelle loi relative aux pratiques du marché et á la protection du consommatuer: tout sur l’ancien et le nouveau regime, Gent, Larcier, 2010, 306p.

MATHEEUSSEN, E., "Interpretatiemethoden gehanteerd door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschap", Jur. Falc.1993-94, 363-401.

MAZEAUD, D., "Clauses limitatives de réparation, la fin de la saga ?", Recueil Dalloz 2010, 1832-1839.

MELI, M., "Unfair terms and unfairness test in contracts between businesses and consumers’’ in A. SOMMA, The politics of the Draft Common Frame of Reference, Alphen a/d Rijn, Kluwer, 2009, 151-161.

MICKLITZ, H., "Unfair terms in consumer contracts" in H. MICKLITZ, N. REICH en P. ROTT, Understanding EU consumer law, Antwerpen, Intersentia 2009, 122-149.

MURRAY, P., EN STÜRNER, R., German civil justice, Carolina Academic Press, Durham, 2004, 670p.

PAVILLON, C., "Dutch case note on Mostaza Claro" ERPL 2007, 737-748. 61

PAVILLON, "De procedurele autonomie wijkt (opnieuw) voor de effectieve doorwerking van de Richtlijn oneerlijke bedingen", NTBR 2007, afl. 4, 149-157.

PRECHAL, S.,"Ambtshalve toetsen van oneerlijke bedingen door middel van conforme uitleg", NTER 2001, 104-110.

PIZZIO, J., "Le Marché intérieur des cosommateurs, le droit de la consommation d’origine communautaire et son applictaion dans les états members de l’union Européenne", INC Hebdo 2009, afl. 1510, 1-6.

REICH, N.,"The implementation of Directive 93/13/EEC on unfair terms in consumer contracts in Germany" in ERPL 1997, afl. 2, 165-172.

ROPPO, V., "La définition du caractère abusive" in La Directive «CLAUSES ABUSIVES» Cinq ans après - Évaluation et perspectives pour l’avenir , Conférence de Bruxelles 3 juli 1999, http://ec.europa.eu/consumers/policy/developments/unfa_cont_term/uct04_…

ROTT, P., "What is the Role of the ECJ in EC Private law?", HanseLR 2005, 6-17.

STRAETMANS G. en CAUFFMAN, C., "Legislatures, courts and the unfair terms directive", in SYRPIS, Ph. (eds), The judiciary, the Legislature and the EU internal market, New York, Cambridge University Press, 2012, 92-117.

STRAETMANS, G., "Enkele recente ontwikkelingen inzake Europees consumentenrecht" in I. GOVAERE, Europees recht : moderne interne markt voor de praktijkjurist, Gandaius XXXVIIIste Postuniversitaire Cyclus Delva, Mechelen, Kluwer, 2012, 356-409.

STRAETMANS, G. en STUYCK, J., "Wet marktpraktijken en consumentenbescherming, in CBR Jaarboek 2009-2010, Antwerpen, Intersentia, 2010, 525-617.

STRAETMANS G. en STUYCK, J., "De wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming ", RW 2010-11, 403-440.

STUYCK, J., "Who is a Consumer" in K. BOELE-WOELKI EN W. GROSHEIDE, The future of European Contract law, Alphen a/d Rijn, Kluwer, 2007, 425-434.

SWAENEPOEL, E., Toetsing van het contractuele evenwicht, Antwerpen, Intersentia, 2011, 821p.

SWAENENPOEL, E., "Rechter moet oneerlijk beding in consumentencontract ambtshalve toesten", Juristenkrant 2009, afl. 193, 6.

SWAENEPOEL, E., "De onrechtmatige bedinge: evolutie naar het ambtshalve opwerpen van de relatieve nietigheid?, noot onder Gent 3 maart 2004, DCCR 2005, afl. 66, 71-90.

SWAENEPOEL, E., STIJNS, S. en WÉRY, P.,"Onrechtmatige bedingen", DCCR 2009, 142-203.

SCHEBESTA, H.,"Does the national court know European Law? A note on Ex Officio Application after Asturcom", ERPL 2010, 847-880. 62

SCHULTE-NÖLKE, H., TWIGG-FLESNER, C. en EBERS, M., EC Consumer Law Compendium Comparative Analysis, München, Europa Law Publisers, 2008, 353, http://ec.europa.eu/consumers/rights/docs/consumer_law_compendium_compa… , 845p.

SMITS, J., "Nogmaals de richtlijn oneerlijke bedingen: Nederland veroordeeld wegens gebrekkige implementatie", WPNR 2001, afl. 6461, 853-855.

SNIJDERS, H.,"Aanvulling van gronden van EU-recht" in A. HARTKAMP, C. SIEBURG EN L. KEUS (eds.), De invloed van het Europese recht op het Nederlands privaatrecht, Hoofdorp, Kluwer, 2007, 623p.

STEENNOT, R., BOGAERT, F., BRULOOT, D., en GOENS, D., Wet Marktpraktijken, Antwerpen, Intersentia, 2010, 199p.

STIJNS, S., "Zijn onrechtmatige bedingen nietig?", in X. (ed.), Liber Amicorum Y. Merchiers, Brugge, Die Keure, 2001, 921-931.

STIJNS, S., "De leer der onrechtmatige bedingen in de W.H.P.C. na de wet van 7 december 1998", TBH 2000, 148-163.

STIJNS, S., "De beëindiging van verbintenissen: recente evoluties inzake betaling, nietigheid, ontbindende voorwaarde en verval" in S. STIJNS, I. SAMOY en A. DE BOECK (eds.), Verbintenissenrecht, Brugge, Die Keure, 2010, 25-71.

STIJNS, S., EN JANSEN, S., "De basisbeginselen van het contractenrecht: kroniek van de recentste evoluties",TBBR 2013, afl. 1, 2-30.

SWENNEN, H., "Het voorstel van richtlijn consumentenrechten en de regeling van oneerlijke bedingen in overeenkomsten" in J. MEEUSEN, G. STRAETMANS en A. VAN DEN BOSCHE (eds.), Het EG-consumentenacquis: nu en straks, Antwerpen, Intersentia, 2009, 55-99.

TENREIRO, M.,"The Community Directive on Unfair Terms and National Legal Systems. The principle of Good Faith and Remedies for Unfair Terms", ERPL 1995, 273-284.

TULIBACKA, M., "Europeanization of civil procedures: In search of a coherent approach’, CML Rev.2009, 1527-1565.

VAN BOOM, W. en KOTTENHAGEN, R., "De richtlijn oneerlijke bedingen en haar plaats in het Nederlandse recht" in F. DE LY, K. HAAK, W. VAN BOOM, Eenvormig bedrijfsrecht: realiteit of utopie?, Den Haag, BJU 2006, 133-154.

VAN DEN BOSSCHE, A., "Europees gemeenschapsrecht: bron van en reden voor toenadering" in M. STORME, Procedural laws in Europe, Antwerpen, Maklu, 2003, 25-54.

VAN HUFFEL, M., "La condition procédurale des règles de protection des consommateurs: les enseignements des arrets Océano, Heininger et Cofidis de la Cour de Justice", REDC 2003, 79-101.

VAN OEVELEN, A., RUTTEN, S., en DUPON, F., "Ambtshalve inroepbaarheid van Europees Consumentenrecht, materieelrechtelijk en procesrechtelijk beschouwd" in G. STRAETMANS en 63

M. ROZIE, Doorwerking van het Europees recht in de nationale rechterlijke praktijk, Antwerpen, Intersentia, 2012, 98-100.

VAN ROSSUM, M. EN VAN NULAND, N., "Enkele recente Europese ontwikkelingen van invloed op het Nederlands vermogensrecht" Juridisch up to date 2010, afl. 23, 2-10.

VERHAEGEN, S., "De ambtshalve toetsing van onrechtmatige bedingen in consumentenovereenkomsten", Jb Hand.Med.2009, 208-217.

VERHOEVEN, M., "Ambtshalve toetsing op het gebied van consumentenbescherming", SEW 2010, afl. 2, 83-86.

VON BAR, C., CLIVE, E., en SCHULTE-NÖLKE, H., e.a., Principles, definitions and model rules of European private law: Draft Common Frame of Reference (DFCR), Munchen, Sellier European Law Publishers, 2008, http://ec.europa.eu/justice/contract/files/european-private-law_en.pdf, 4795p.

WEATHERILL, EU Consumer Law and Policy, Cheltenham, Elgar, 253p.

WEATHERILL, "Prospects for the Development of European Private Law through ‘Europeanisation’ in the European Court", ERPL 1995, 307-328.

WÉRY, P., "Les clauses abusives relatives á l’’inexécution des obligations contractuelle dans les lois protection des consommateurs du 14 julliet 1991 et du 2 août 2002" JT 2003, 808-817.

WÉRY, P, "Nullité, inexistence et réputé non écrit" in P. WÉRY, La nullité des contrats, Liége, Commission Université Palais, 2006, 7-32.

WESSELS, B. JONGENEEL, R., EN HENDRIKSE, M., Algemene voorwaarden - Recht en Praktijk nr. 143, Deventer, Kluwer, 2006, 719p.

WESSELING, R. en NEIJL, N.,"Kroniek van het Europees recht", NJB 2008, afl. 16. 979-988.

WHITTAKER, S., "Who Determines What Civil Courts Decide? Private Rights, Public Policy and EU Law" in D. LECZYKIEWICZ & S. WEATHERILL (eds), The Involvement of EU Law in Private Relationships, Oxford, Hart Publishing 2012, Oxford Legal Studies Research Paper No. 46/2012, 1-50.

ZIPPRO, Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht, Oegstgeest, Kluwer, 2009, 877p.

Download scriptie (726.62 KB)
Universiteit of Hogeschool
Universiteit Antwerpen
Thesis jaar
2013