"Een fantastische manier om je onderzoek naar buiten te brengen"

Scriptie

giselle nath

Giselle Nath ©Alexander Meeus

In 2011 won Giselle Nath de Vlaamse Scriptieprijs met haar scriptie over de hongersnood tijdens de Eerste Wereldoorlog. Tien jaar en een doctoraat later zat Giselle, intussen journalist bij De Standaard, aan de jurytafel bij de 2021-editie van de Vlaamse Scriptieprijs. We blikken met haar terug op haar overwinning in 2011.


Giselle, nam je destijds op eigen initiatief deel aan de Vlaamse Scriptieprijs of zette je promotor je hiertoe aan?

De scriptieprijs was een item in een nieuwsbrief van de universiteit, met een warme aansporing aan alle studenten om mee te doen. Die reminder kort voor de deadline was wat mij betreft wel effectief. Ik had mijn scriptie in de eerste examenperiode ingediend en wou eerst, net als vele jaargenoten, eventjes niets meer te maken hebben met dat eindwerk. Wat me aantrok in de wedstrijd was het belang dat gehecht wordt aan het journalistieke: je moet op een beknopte en vlotte wijze aantonen dat je scriptie actueel en nieuwswaardig is. Ook was ik benieuwd of mijn scriptie buiten de faculteit Letteren en Wijsbegeerte iets kon losmaken.

Hoe heb je het event ervaren?

De sfeer op de uitreiking was erg uitgelaten. Voor de scriptieprijs waren er denk ik zo’n 260 inzendingen, dan werd er een longlist bekendgemaakt met tien namen, dan een shortlist met de laatste vijf… Scriptie vzw (de oude naam van SciMingo vzw, nvdr) had de spanning dus behoorlijk opgedreven. Ik had nooit verwacht dat ik de hoofdprijs zou wegkapen, want ik had heel sterke concurrenten: een seksuologe, iemand die aan kankeronderzoek deed, iemand die een nieuwe techniek had uitgewerkt om minivliegtuigjes te laten vliegen… Ik stond dus behoorlijk verrast op het podium en mocht onvoorbereid de immer gevatte vragen van presentator Sven Speybrouck beantwoorden. Ik betwijfel of mijn antwoorden even gevat waren.

Wat heeft het winnen van de Vlaamse Scriptieprijs voor jou betekend?

Ik vond het hoopgevend dat een scriptie uit de sociale wetenschappen waardering kreeg in een multidisciplinaire wedstrijd. Een paar dagen later mocht ik ook tien minuten live op Radio 1 gaan om er vragen over m’n onderzoek te beantwoorden: dat houdt je wel scherp. 

Tot op zekere hoogte was de Scriptieprijs ook een opstapje naar mijn eerste job. Voor de eeuwherdenking van ’14-’18 kregen lokale besturen, erfgoedcellen, toeristische diensten en musea subsidies om diverse aspecten van dat tijdperk te belichten. Ook het Vlaams Vredesinstituut wilde er aandacht aan besteden, en daardoor kon ik aan het boek “14-18 van dichtbij. Inspiratiegids voor lokale projecten over de Grote Oorlog” werken. Dankzij de wedstrijd kwam mijn thesis trouwens op de radar van Geert Cortebeeck, toen uitgever bij Manteau. Hij bood me de kans om mijn thesis te herwerken tot het boek “Brood willen we hebben!” dat in 2013 verscheen. De Scriptieprijs is dus echt een fantastische manier om je onderzoek naar buiten te brengen. 

Hoe vond je het om als jurylid bij deze editie nu eens zelf op zoek te gaan naar de winnaar van de Scriptieprijs?

Een geweldige en spannende ervaring, vooral vanwege de interdisciplinariteit van de prijs. Een aanbeveling ook voor iedereen die sakkert op de ‘jeugd van tegenwoordig’. Als maatschappij mogen we er trots op zijn dat er op onze universiteiten en hogescholen zoveel aandacht gaat naar onderzoek met maatschappelijke meerwaarde, en dat vertaalt zich dan ook in de samenvattingen. 
 

Share this on: